Weinig boeken hebben zoveel invloed op kunst gehad als de Metamorfosen van Ovidius. Alle grote kunstenaars lieten zich door dit fabelachtige werk uit de klassieke oudheid inspireren. Zo blijkt uit de spectaculaire internationale tentoonstelling in Rijksmuseum Amsterdam. Met tal van topstukken, en samengesteld in nauwe samenwerking met Galleria Borghese in Rome.
In het zesde boek van zijn Metamorfosen vertelt de Romeinse dichter Publius Ovidius Naso over een meisje uit Lydië, Arachne, dat prachtig kon weven. Het bracht haar plaatselijke roem. Als zij aan het werk was, kwamen nimfen uit de omgeving kijken. Op een dag zei een van de nimfen tegen Arachne dat zij het ambacht zo goed beheerste dat het wel leek alsof ze les had gehad van godin Pallas Athena. Arachne beweerde echter dat zij het weven niet van de godin had geleerd, maar dat zij het zich helemaal zelfstandig had eigen gemaakt. Om dat te bewijzen daagde zij Athena uit met haar te wedijveren.