anny de decker

Anny De Decker “We werden door sommigen beschouwd als een soort sekte”

In 1966 zag de befaamde Wide White Space Gallery het daglicht in Antwerpen. De ruimte van het echtpaar Anny De Decker en Bernd Lohaus geldt als de eerste grote galerie in de stad die vandaag een krioelend ecosysteem van hedendaagse kunst is. Anny De Decker, nu 86, volgt de kunstwereld nog steeds van dichtbij. Een levendig gesprek over de evolutie van de galeriewereld.

TEKST: Tamara Beheydt

PORTRETFOTO: Guy Kokken

“Bernd en ik organiseerden enkele happenings in een gehuurde ruimte. Daarna bedachten we dat we er ook andere dingen mee konden”, vertelt Anny De Decker over het begin van Wide White Space Gallery. “De tentoonstellingen waren internationaal gericht en brachten bijna uitsluitend conceptueel avant-gardewerk.” Lohaus had via zijn eigen artistieke werk en via zijn docent Joseph Beuys goede connecties in Duitsland. Zo waren er bijvoorbeeld contacten met Galerie Konrad Fischer en Galerie Schmela in Düsseldorf en passeerden kunstenaars als Gerard Richter en Beuys meermaals de revue in Wide White Space.

Er waren ook presentaties met Japanse kunstenaars, Shūsaku Arakawa en Hisachika Takahashi, en vooral grote buitenlandse kunstenaars als Christo, Daniel Buren, Lawrence Weiner en James Lee Byars.

Volgens De Decker was dat niet zo uitzonderlijk. Ze vertelt dat in die tijd niet zoveel mensen geïnteresseerd waren in het tonen van hedendaagse, conceptuele kunst. “We werden door sommigen beschouwd als een soort sekte. We voelden ons missionarissen, reisden heel Europa af om kunst te verspreiden en te ondersteunen. Maar zelfs internationaal bleef het een klein milieu. Het was niet moeilijk om elkaar te vinden.”

Ook in eigen land behoorden grote namen als de Antwerpse diamantair-verzamelaar Isi Fiszman en Karel Geirlandt, later bezieler van het ‘Museum van Hedendaagse Kunst’ in Gent, het huidige S.M.A.K., tot de kringen rond Wide White Space.

OPOFFERINGEN

Die internationale uitwisseling gebeurde ook in de omgekeerde richting: Wide White Space bracht haar Belgische kunstenaars naar het buitenland. Zo kwam Panamarenko vrij snel bij een Londense galerie terecht en ook Konrad Fischer Galerie toonde zijn werk, dat daarop werd gekocht door instituten zoals Musée d’Art Moderne in Parijs. Marcel Broodthaers werd onder meer opgepikt in Berlijn en Keulen.